skip to Main Content
contact@klimaatschap.org

Introductie

In de industriële landbouw wordt doorgaans een groot gebied met één gewas ingezaaid.

Auteur

Maurits Groen

Document

Dit artikel is met toestemming van de auteur overgenomen uit het boek “Drawdown”.

1000Mton
CO2 reductie
0Miljard
Nettokosten
25Miljard
Nettobesparing

Teelt tussen bomen

In de industriële landbouw wordt doorgaans een groot gebied met één gewas ingezaaid. In de regeneratieve landbouw worden gewassen gemengd, bijvoorbeeld door ze te telen tussen bomen. Deze diversificatie verbetert de gezondheid en productiviteit van de bodem en is gebaseerd op biologische principes. Minder input, gezondere gewassen en een grotere oogst zijn het resultaat. Zoals geldt voor een groot aantal van de oplossingen in dit boek, worden ook ’tussengewassen’ zelden verbouwd om klimaatverandering aan te pakken. Boeren telen ze omdat deze methode beter werkt. In Europa werd de tussengewassenteelt in de twintigste eeuw verdrongen door de industrialisering van de landbouw. Zoals alle regeneratieve landbouwmethodes, vergroot het telen tussen bomen het koolstofgehalte in de grond en de productiviteit van het land. De bomen fungeren als windbrekers die erosie verminderen. Bovendien creëren ze habitats voor vogels en nuttige insecten. Ze beschermen snelgroeiende eenjarige gewassen die kwetsbaar zijn als ze bloot worden gesteld aan wind en regen. Planten met diepe wortels kunnen mineralen en voedingsstoffen uit de ondergrond omhoog halen voor gewassen met ondiepe wortels. Klimplanten hebben een natuurlijk klimrek om tegenop te groeien. Gewassen die gevoelig zijn voor licht worden uit de zon gehouden.

Bovendien is ’tussenboomteelt’ simpelweg prachtig om te zien: chilipeper en koffie, kokosnoot en goudsbloem, walnoot en mais, citrus en aubergine, olijfbomen en gerst, teakbomen en taro, eik en lavendel, wilde kers, zonnebloemen, hazelaars en rozen. In tropische gebieden worden vaak drie gewassen naast elkaar verbouwd, bijvoorbeeld kokosnoot, banaan en gember. De mogelijke combinaties zijn eindeloos.

Om succesvol tussen bomen te kunnen telen, moet de grondbezitter beschikken over een grondige kennis van het land, bodemtype en het lokale klimaat. Zonlicht, de circulatie van voedingsstoffen en de beschikbaarheid van water bepalen de combinatie van soorten en de ruimtelijke indeling. Als je door de Franse Ardennen rijdt, kom je de combinatie van populieren en tarwe tegen. Het lijkt misschien alsof de bomen lukraak zijn geplant, maar niets is minder waar: er gingen jaren in zitten om kennis op te doen over de invloed van wind, zonlicht, de verandering van de seizoenen en de wijze waarop bomen en gewas allebei aan hun voedingsstoffen kunnen komen. Al deze invloeden bepalen de indeling van het land en de plantensoorten, in dit geval het type populier. De rangschikking van de bomen en gewassen hangt af van de topografie, de cultuur, het klimaat en de waarde van de gewassen.

Tussen bomen telen kan op verschillende manieren. Laanbeplanting is een systeem waarbij bomen of heggen dicht bij elkaar in rijen worden geplant om de gewassen die tussen die rijen groeien te bemesten. Vaak komen de kleine bomen of heggen uit de peulvruchtenfamilie, een groep planten die in staat is atmosferisch stikstof vast te leggen, met soorten als rivierhennep, gliricidia en faidherbia. In Malawi werd over en periode van tien jaar een proef uitgevoerd, waarbij mais en gliricidia bomen in lanen naast elkaar werden verbouwd. De oogst werd vergeleken met die van niet bemeste mais op boomloze akkers. Bij de laanbeplanting werd het jaarlijkse snoeihout van de stikstofhoudende gliricidia als bodembedekker gebruikt. Het resultaat: laanbeplanting levert drie keer zoveel mais op als op ongemengde, onbemeste akkers. Vanwege voedseltekorten in Malawi putten verarmde kleine boeren de bodem uit met ononderbroken maisteelt, wat de voedselzekerheid nog meer in gevaar brengt. Bij laanbeplanting wordt weliswaar land opgeofferd aan bomen maar de hogere opbrengst compenseert dat ruim, zonder toevoeging van chemicaliën.

Bij groenblijvende landbouw, een andere manier van telen tussen bomen, worden bomen zoals de faidherbia verspreid geplant, om daarmee het vee van voedsel te voorzien. Boeren gebruiken hun opgedane ecologische kennis om deze bomen te planten in grond die vaak lijdt onder droogte, harde wind en erosie. Tijdens het regenachtige groeiseizoen werpen de bomen hun oude, stikstofrijke bladeren af, wat betekent dat de andere gewassen, bijvoorbeeld maïs, op dat moment niet met de bomen hoeven te concurreren om voldoende water en licht. De oogst kan zich verdrievoudigen zonder kunstmest of andere input.

Er zijn diverse andere landbouwmethodes die gebruik maken van tussengewassen, zoals teelt op stroken, bij met bomen beplante perceelgrenzen, op schaduwgrenzen, of boslandbouw, bostuinieren, mycoforestry, bosbeweiding en het verbouwen van gewassen op weidegrond. Het telen tussen bomen bevestigt dat we voor ons welzijn niet afhankelijk zijn van grondstofverslindende landbouwsystemen die levende organismen schaden. Ons welzijn hangt juist af van het ontdekken, innoveren en toepassen van landbouwmethodes die de groeiende wereldbevolking van voedsel kunnen voorzien, terwijl ze gelijktijdig de bodemvruchtbaarheid, biodiversiteit, ecologische structuren en de kwaliteit van het water ten goede komen.

Moderne bedrijven ontwikkelen en verbeteren zich voortdurend, een concept dat in Japan bekend staat als ‘kaizen’ en gebaseerd is op de Amerikaanse beginselen van kwaliteitscontrole die na de Tweede Wereldoorlog in Japan werden onderwezen. Dit houdt in: beter worden in beter worden. Kaizen legt de nadruk op de kleine, dagelijkse aanpassingen waarmee je een product en de werkomstandigheden kunt opwaarderen. Zo ook met de eeuwenoude ecologische techniek van het telen tussen bomen: en manier om het land te respecteren en onszelf eraan aan te passen. Hoewel het telen tussen bomen in de twintigste eeuw aan populariteit verloor door de industrialisering van de landbouw, behoort het tot de vele methodes die een renaissance in de landbouw teweeg kunnen brengen: een transformatie in het verbouwen van voedsel, op een manier die het contact met het land herstelt, en daarmee ook herstel brengt in de kwaliteit en vrijgevigheid van de bodem.

Impact

Als we rekening houden met de variabele koolstofopslag, afhankelijk van de regio en het type tussengewas, schatten we dat in dertig jaar tijd zo’n 17,2 gigaton CO2 vastgelegd kan worden. Om dit te realiseren, zou het totale oppervlak aan tussengewassenteelt moeten toenemen tot 231 miljoen hectare wereldwijd. Na en extra investering van 147 miljard dollar, kan hiermee 22 miljard dollar worden bespaard.

Back To Top
Feedback
Feedback
Suggesties? Laat het ons weten!
Volgende
Laat je e-mailadres achter. (niet verplicht)
Terug
Verzend
Dank voor je feedback!